Vrouwelijkheid

geraardsbergenkapel

Hoevelen…

Hoevelen vonden troost en vree?
Wat bracht het leven aan wel en wee?
Dat werd in stilte toevertrouwd
Aan Maria… die opende hart en geest

copyright-stamp

    De Vos Annie, Onze-Lieve-Vrouw-kapel Geraardsbergen (MUUR)

De mei-‘Maria-maand’ laat nog even op zich wachten.
Nochtans hunkeren onze uitgeputte lijven naar zonlicht…
Vòòr we echter overvloedig meiklokjes kunnen plukken,
is het uitkijken naar sneeuwklokjes en krokusjes! Reikhalzend.

Maria Lichtmis sluit de grote Kersttijd af.

Sint Maarten bracht het licht naar binnen,
Maria Lichtmis brengt het licht terug naar buiten.
Moeder Aarde zet haar zaadkindjes straks weer aan het werk.
Verwachting is alom!
voor het nieuwe leven dat weldra ontwaakt.

Het vrouwelijk element is nooit veraf.

Of we het nu zoeken in Maria, of we kiezen voor de graal...
het vrouwelijke element zorgt onbetwistbaar voor evenwicht in de wereld.
In de uiterlijke én de innerlijke.

Jawel, ik denk dat Maria een feministe was 🙂 

Alle gekheid op een stokje…

Ik kreeg voor Valentijn een Boeddha, een kikkerboeddha.

(Ja, ik weet het… het is dinsdag pas Valentijn, maar wij kiezen voor Liefde eerst, en dus moet dinsdag het maar weten)

kikkerboeddha

Bron voor mijn vrouwelijke Qi
(spreek uit: chi)
Levensenergie, adem, levenskracht, vitale energie of spirituele energie.

Ik ben voorstander om het schouwspel ook vrijspel te geven.
Maria of Boeddha, Kikker of Kaars…
Het beeld blijft vrouwelijk, en zit in ons zelf.

Venus en Mars, éénheid in verscheidenheid, yin en yang.

Eeuwige versmeltende tegenstelling. Uitdaging en vervloeking.

Memory Lane

  1. Terwijl ik al strijkend de wasmand wegwerk, stoot ik op drie kleine witte zakdoekjes. Veel stoffen zakdoekjes hebben wij niet. En die die we wel hebben, hebben we eigenlijk niet zelf gekocht… ze zijn via oma hier, of opa daar, toevallig in mijn wasmand beland en nooit meer naar de eigenaar teruggekeerd.
    Nochtans hou ik wel van stoffen zakdoekjes; met mooie tekeningetjes of een leuk bloemenprintje.
    Ik word teruggekatapulteerd naar neef Mark, niet mìjn neef maar die van mijn papa. Neef Mark was een gezette imposante man en neef Mark had een nieuwkuis. Hij is, denk ik, de aanleiding van mijn liefde voor stoffen zakdoekjes. Want als mensen hun kleren naar de nieuwkuis brengen, vergeten ze nogal eens om hun zakken leeg te maken… En zo kwam het dat neef Mark zakdoekjes bij de vleet verzamelde en wij op regelmatige basis een volle vuilniszak zakdoekjes kregen toegestopt.

  2. Ondertussen typt dochterlief naarstig haar lesjes van Dactylo Dewaele, sinds jaar en dag dé typles-leverancier, die ook onze twee telgjes rekruteerde. Mij legde het alvast geen windeieren!

    Typen met mijn ogen dicht aan de snelheid van het licht 🙂
    Teksttitel van de dag ‘Pippi’.

  3. Brengt mij naadloos bij Pippi Langkous, mijn jeugdheldin bij uitstek, als wie ik dan ook prinses Carnaval werd bij Chiro Pimpernel. Geflankeerd door prins robot.

    So nòt Pippi…

Terwijl ik dit typ vraag ik mij af of mijn broers en zus ook houden van stoffen zakdoekjes. Zouden herinneringen funderingen zijn, voor onze liefdes? Maakt het iets uit dat ik als tweede geboren werd, van vier? En zou ik andere overtuigingen gehad hebben als ik geboren was in 1876 in plaats van 1976?

Ben ik het product van mijn biografie?
Of is mijn biografie het product van mijzelf?
En zou ik bijgevolg met gelijkaardige overtuigingen geleefd hebben, 100 jaar eerder?
Who am I? 🙂
Ben ik wie ik verondersteld wordt te zijn?
En wat is vrijheid?

Waarschijnlijk (zeker) zijn die vragen al vaak gesteld, door grotere filosofen dan mijzelf. Wat was hun antwoord? Of doet dat er niet toe?

Introspectology

Onlangs schreef ik mij in voor de mailinglist van introspectology.
En zo gebeurt het dat ik mails binnenkrijg met vragen voor mezelf.
Deze week in mijn mailbox:

‘Wat is het beste compliment dat je ooit gekregen hebt?’
Met als extra’s:
Welke complimenten kan je je herinneren?
Waarom zijn deze in je hoofd blijven plakken?
Wat is het met dit compliment dat je een goed gevoel geeft?
Wat onthullen ze eigenlijk over het soort persoon dat jij wilt zijn?

Interessant. En ik heb best wat antwoorden gevonden, hoewel ik het net iets te persoonlijk vind om er hier op in te gaan. Ik heb ook wel moeite om ‘gewoon’ een vraag te beantwoorden. De vreemde neiging om de vraag zelf in vraag te stellen kan ik maar niet bedwingen. Uiteindelijk kwam ik tot de conclusie dat de antwoorden op vraag 1, 2, 3 en 4 eigenlijk hetzelfde zijn. Complimenten vind ik eigenlijk niet zo belangrijk. Toch niet die die prestatiegebonden zijn. Complimenten over vooruitgang en persoonlijke ontwikkeling kan ik dan wel weer smaken. En dat beantwoordt dan ook meteen vraag 5 denk ik. Deze gedachtengang onthult dat ik een persoon ben die persoonlijke ontwikkeling hoog in het vaandel draagt. Uit alles kan je leren. Positieve psychologie?
En ja, mijn onderzoeker schiet in actie en typt ‘positieve psychologie’ in op google. Weeral interessant, herkenning, moet je ook eens doen!

Ergens in de tekst, in een biografisch stukje over Martin Seligman
(de man die de positieve psychologie onder de belangstelling bracht),
stoot ik op het begrip ‘aangeleerde hulpeloosheid’ en ik klik erop.
Volgens wikipedia:

‘Het verschijnsel waarbij een mens of dier geleerd heeft dat hij geen invloed kan uitoefenen op de gebeurtenissen die hem overkomen.’

Dat ben ik dus niet. Oef. Wat moet dat lastig zijn…

Praten.

Te veel.
Ik praat te veel. En te luid.

Soms praat ik helemaal niet.
Ooit dacht iemand zelfs dat ik het niet kon. Praten.

Anekdote 1: eerste leerjaar – eerste communie.
Ik was een goeie lezer. Ik las ook graag. Verslond boeken.
En dus mocht ik, vooraan in de kerk, de tekst die bij het toneeltje hoorde, in de micro lezen. ‘De vader met het grote hart’, dat was het.
‘Niet zo snel’ herhaalde de pastoor keer op keer.
Uiteindelijk is het me gelukt. (met heel veel moeite)

Anekdote 2: zesde leerjaar – plechtige communie aka vormsel
Dit keer ging ik zingen, het Onze Vader. En dit keer moest het niet trager van de pastoor, maar luider… Zodat het achteraan in de kerk ook hoorbaar zou zijn.
En dus deed ik dat.
De dag nadien vroeg een vriendje mij waarom ik het Onze Vader had geroepen???
Nu kan ik er mee lachen, maar ik zweer het, het was afgang.

Anekdote 3: zesde middelbaar – jaarboek
Zoals de traditie het bij ons op school wilde, werd er in het laatste jaar een jaarboek gemaakt. Daarin werden alle leerlingen van het laatste jaar met foto, wat info en hun gekozen studierichting vermeld. Er werd bij iedereen ook een soort kenmerk geschreven. Benieuwd welke uitspraak er bij mij paste?
Dat was deze opmerkelijke one-liner:
‘Al ooit eens een wekker horen aflopen?’ 🙂

Anekdote 4: trouwdag
Mijn schoonmama heeft de speech-microbe. Ze houdt ervan om het publiek toe te spreken op allerhande bijeenkomsten. Zo ook op onze trouw. Haar familie zegt al grappend dat ze er krultenen van krijgen.
Op onze trouw bleek speech-gewijs dat ik, de eerste keer dat we elkaar ontmoetten, blijkbaar weinig van zegs was. Mijn schoonmama gaf toe dat ze zich toen afgevraagd had of ik überhaupt wel kon praten.
Er is wel iets van hoor. Als ik in een nieuwe groep terecht kom, heb ik écht wel moeite om iets te zeggen. Soms denk ik er actief over na, over wat ik in ’s hemelsnaam zou kunnen zeggen, maar er komt dan werkelijk niets interessants in mij op.

Onderweg van kind naar grote mens, ben ik er ook wel achter gekomen dat, als ik echt iets wil zeggen dat me nauw aan het hart ligt, ik dat maar moeilijk uit mijn strot geperst krijg. Met al gauw bibberen en zweten als bijverschijnsel.
Ook onderweg, had ik te kampen met een nogal ernstige vorm van klierkoorts en later  van een cyste in mijn nek ter grootte (en groeiend) van een ei.
Nog later las ik het ‘Handboek chakrapsychologie’ van Judith Enodea en besloot ik dat er nog werk aan de winkel was voor mijn keelchakra.

Deze morgen kampte ik ermee.
Mijn zelfbewustzijn speelde op toen ik merkte dat ik tijdens een vergadering weer hard van stapel liep en een collega er mij op wees dat ik straks wel aan de beurt zou komen.
Dan maar schertsend tegen een andere collega gezegd dat ik mij eens een goeie rol plakband zou aanschaffen, om mezelf het zwijgen op te leggen. Want het is niet hoeveel je zegt dat telt, maar wat je zegt. En de kunst ligt erin om de stilte ook zijn werk te laten doen. Of niet?

Ik vrees dat de weegschaal wat praten betreft, altijd naar de ene of de andere kant zal overhellen.

P.S. Ik ga de blog niet afsluiten, en hoop dat schrijven mijn praten misschien kan bijsturen. 😉

Vertrek.

Lieve mensen,

Sinds ik deze blog begon in februari, is er veel veranderd. Ik zat toen in een periode van wie, wat, waar, waarom en hoe moet het verder. Ik las veel. Over burn-out of bore-out. Onder andere op enkele van jullie blogs. Uiteindelijk trok ik eind juni naar de loopbaancoach. En deed ik een kerntalententest. Er kwam veel uit, maar hetgeen voor mij het meest veranderd heeft, is het benoemen van mijn hooggevoeligheid*. Ik had er wel al veel over gehoord maar het is complexer dan je meestal leest in toevallige artikels. Ik legde me toe op het lezen van boeken over het onderwerp en besefte dat ik er niet omheen kon. Te meer omdat mijn kinderen op diverse vlakken ook hooggevoelig zijn en ik ze als mama zo goed mogelijk wil begeleiden. Ik volg momenteel de opleiding tot sensikids-coach en hoop in de toekomst de cursussen voor kinderen en pubers te kunnen aanbieden. Als je mij op dat vlak wil volgen kan je terecht op mijn nieuwe blog www.toebiejoeblog.wordpress.com 🙂 .

* Voor mij geldt dat ik dikwijls te weinig prikkels binnenkrijg die op dezelfde golflengte zitten als mijn diepste innerlijke zelf. Heb ik dan een bore-out? Zo zou het dikwijls genoemd worden als je het kadert in je loopbaan. Bij mij is er een disbalans tussen werk en privé. Ik voel het mama-schap heel sterk aan, maar door mijn uren in het deeltijds kunstonderwijs kan ik er gewoon niet zijn op de momenten dat mijn kinderen me het meest nodig hebben. Huiswerk, balletvoorstelling, open les piano, floorbalwedstrijd, … altijd zonder mij. Het voelt alsof ik afgescheurd ben van wat voor mij het belangrijkst is. Work in progress. Door mij toe te leggen op wat mij intrinsiek bezighoudt, voelt het geheel van mijn leven al veel lichter. Zowel thuis als op het werk vind ik meer kwaliteit.

Het zou kunnen dat ik deze blog ga afsluiten, dat weet ik nog niet zo goed, soms lijkt het me beter, soms niet. De tijd zal het zeggen. Ondertussen lees ik jullie verhalen en wens jullie alleszins al fijne eindejaarsdagen!

Associaties

Op 11 november krijg ik steevast een telefoontje van mijn mama. En toch vergeet ik het zelf ieder jaar opnieuw. Zo ook vandaag. Misschien omdat het zo kort na 1 november is. 15 jaar geleden moest mijn mama afscheid nemen van haar mama. Mijn oma. Dit jaar zou ze honderd worden. Op 20 december. De laatste 13 jaar van haar leven heeft mijn oma bij ons gewoond. Wij waren met haar erbij een gezin van zeven. We hadden een Renault Nevada, een witte, en konden daar met ons zevenen net allemaal in. Twee met de benen opgetrokken op de achterste bank. 15 jaar geleden was mijn mama op 11 november net 51 geworden, op 7 november. Het verlies van mijn oma viel haar héél zwaar, daarna is ze gestopt met werken. Allé, gaan werken. Want de tijd die erop volgde, heeft ze haar tijd ter beschikking gesteld van haar kleinkinderen, 8 ondertussen, die in de vijftien jaren nadien geboren zijn. Mijn zus kwam die dag net terug van trouwreis. En ook bij haar is in de 15 jaar sindsdien veel goeds gebeurd. Helaas was dat voor haar toenmalige wederhelft niet duidelijk en heeft hij beslist om te breken met een heel pak geschiedenis. Het is niet altijd gemakkelijk om te filteren. Om te herkennen wat belangrijk is en dat vòòr je persoonlijke geneugten te zetten. Een bekentenis. Ook voor mij. Eentje die iedereen volgens mij wel zou kunnen doen. En dus ben ik er niet boos om. Op mezelf. Het is alleen pijnlijk soms om de consequenties onder ogen te zien. Er is zoveel gebeurd. Mijn man en de vrouwen van mijn twee broers, heeft mijn oma nooit gekend. Daarin verschilt onze geschiedenis van die van mijn zus. Wat zou mémé het fantastisch gevonden hebben om ook ons te zien bouwen aan ons leven. Met hier en daar een onvermijdelijke obstakel weliswaar. Hoewel ik ook denk dat een mens moe wordt. Alle geschiedenis die zij al beleefd had, herinneringen die wij niet kennen. Het is soms verleidelijk om in emoties te verzeilen. Goeie en minder goeie. En dat mag ook wel eens. Zolang we onszelf maar op tijd terug laten landen. Want ons leven ‘nu’ voelen, dat is ook een hele uitdaging. Als je minder geluk hebt, zoals mijn opa’s, dan houdt het leven een stuk vroeger op. En herinneringen in de toekomst, die zijn volgens mij nog steeds onmogelijk.

10 woorden voor wat was

  1. PICON – Het perfecte aperitief als je gelogeerd bent op wandelafstand van:
  2. Frans-Vlaanderen – Dat grenst aan Watou, waar oma & opa de familie bijeenbrachten voor een midweek vakantie.
  3. heerlijk zwemmen – in het zwembad op het domein, iedere dag.
  4. huifkar – als verrassing voor oma van opa, wat blijft de westhoek toch prachtig!
  5. wilde zwanen – die we tijdens onze huifkartocht ontmoetten, 2 grote witte en 5, ook al grote maar nog grijze, kuikens (of hoe noem je de jongen van zwanen?)
  6. Sint-Maarten in de living – Wat een verrassing voor de kids! De echte Sint die over elk van hen toch meer wist dan ze vermoedden 😉
  7. 6,5 decennia feest! – Een geslaagd verrassingsfeest voor oma’s verjaardag.
  8. 10 km – Heerlijk wandelen door veld en bos.
  9. better together – want samenwerken blijft de sleutel, of zoals mijn wederhelft het zo mooi zegt ‘Het geheel is meer dan de som van de delen’.
  10. koesteren – aan alles komt een einde, maar in mijn herinneringen kan ik altijd op vakantiedia1